Verhaal-2011-2



Weerzien vervolg                                                                    Kerstverhaal 2011 deel 2


Deel 2.


Nadat Werner gegeten had staken de mannen een sigaret op. Jim opende de bierflesjes met z'n zakmes en vroeg, "Hoe ben jij eigenlijk bij die club terecht gekomen? Nou ja, je hebt in elk geval de oorlog overleefd, maar hoe is het je vergaan?

En die gewonde sergeant van je, hoe heette die ook alweer, Schumacher?".

"Schumann", verbeterde Werner hem. “ Die is direct opgenomen in een hospitaal”. Hij herstelde goedmaar bleef  wel altijd mank lopen. Na de oorlog kreeg hij een klein veteranen pensioentje en is verhuisd naar Cloppenburg of Oldenburg ofzo.,

Dan zucht Werner diep en vertelt dat het voor hem niet altijd zo'n beste tijd geweest was.

Na Bastogne was hij hier in de Eifel licht gewond geraakt en gevangen genomen. Op zich een geluk, hem bleef de totall krieg of het oostfront tenminste bespaard. Na de oorlog keerde hij terug naar Chemnitz, nu omgedoopt in Karl Marxstadt. Daar trof hij alleen z'n schoonmoeder en jongste dochter Ilona aan.

Z'n vrouw Anna was na kerst '44 met beide dochters bij haar ouders in Dresden gebleven. Maar medio februari '45 is dat door de geallieerden gebombardeerd en alleen Oma en Ilona hebben het overleefd.

Z'n vrouw, oudste dochter Karen en schoonvader zijn omgekomen.

Werner slikt, stopt, slikt nog eens. Jim zwijgt. Hij ziet de pijn in Werners gezicht.

Na een korte pauze vervolgt deze zijn relaas. Het huis was onbewoonbaar en Oma en Ilona zijn in zijn huis in Chemnitz gaan wonen. Een jaar later is Oma van verdriet overleden. Werner was inmiddels weer gaan lesgeven. Het was een tijd van "iedereen helpt iedereen" en Ilona werd vaak opgevangen door de buren.Tot hij een oud studiegenote Christine tegenkwam. Zij was haar man in de oorlog verloren en ze besloten samen te gaan wonen. Ilona en hij, en zij met haar zoontje Dirk.

Toen in oktober 1949 de Deutsche Demokratische Republik oftewel DDR gesticht werd, onder de vleugels van de Sovjet Unie, begonnen de veranderingen pas goed. Nadat in augustus 1961 de muur in Berlijn werd gebouwd is Ilona met haar man, Bernd Bergholz naar het westen gevlucht. Werner meende dat hij familie had in de omgeving van Trier.


Bij toeval kwam hij in 1954 z'n oud-commandant, Hauptmann Franken, tegen. Die was lang vóór de oorlog al betrokken bij de DKW fabriek in Zschopau, waar ná de oorlog dus de MZ's werden gebouwd. Hij heeft Werner naar de MZ-fabriek gehaald waar hij op de sport-afdeling mee ontwikkelde en vooral testte, aan wedstrijd machines.

Later kreeg hij een meer commerciële/organisatorische functie, mede omdat hij Engels sprak, en er vanuit Europa, vooral Engeland, steeds meer interesse was voor MZ motoren.Normaal gesproken kwam hij de DDR niet uit, maar voor de wedstrijd van december kreeg hij de gelegenheid om als begeleider mee naar Duitsland te gaan.

Hoewel hij - op aanraden van Franken, anders zou hij die job niet krijgen - lid was geworden van "de" partij begon de ideologie hem steeds meer tegen te staan.

Niet dat hij erover sprak, want Christine en haar zoon waren fervente aanhangers van de DDR-doctrine geworden.

Dirk meldde zich zelfs uit overtuiging bij de grenstroepen aan en liet vaak zijn minachting voor het "verraad" van Ilona blijken. Werner had op het laatst in de DDR niks meer te zoeken en besloot om in de Eifel naar het westen te vluchten.

En nu zat hij hier in een jachthut.


"En jij, Jim? Hoe is het jou vergaan? Je spreekt Duits en we zien we mekaar zomaar midden in de Eifel weer terug.

En wat heb jij met de Enduro sport?" vraagt Werner op zijn beurt.

"Tja", begon Jim, "Een beetje bizar wel. Ik had géén idee dat het jou betrof, maar toen ik hoorde dat de vluchteling mogelijk in deze hoek zat dacht ik aan deze jagershut. Ik ben hier ooit met een vogelspotter geweest.

Ik begreep dat ze je nog niet te pakken hadden, en hoewel ik er niks mee te maken had, was het net alsof iets dat mij dwong om toch even poolshoogte te nemen. Héél vreemd..." Dan vertelt Jim dat hij in deze hoek van Duitsland woont.

Na de oorlog had hij bijgetekend om in Duitsland te kunnen blijven en mee te helpen het in puin liggende land te beschermen tegen opportunistische krachten, zoals hij dat noemde. Na een tijdje was hij foerier geworden, en nadat hij een Duitse schone, Brigitta, had ontmoet en daarmee getrouwd was, had hij de dienst verlaten en was - met een bescheiden financiële ondersteuning van z'n pa in de USA - hier een dumpzaak begonnen.

Aanvankelijk verkocht hij gebruikte Amerikaanse legerkleding en -uitrusting, later ook motorkleding en nu - bloed kruipt waar het niet gaan kan - alweer enige tijd ook motorfietsen. Dankzij z'n contacten in de motorwereld, en ook omdat z'n zoon aan motorcross deed en nu zelfs ingelijfd was in het USA-driedaagse team, was hij als kwartiermeester voor het Amerikaanse team opgetreden en had hun onderkomen geregeld.


"Aaah..." Zei Werner "nou snap ik het.".

"Huh...?" zei Jim.

"Ja, dat is dus jouw zoon... Ik zag een jonge coureur rondlopen bij de Amerikanen die me zó aan iemand deed denken, maar ik kon het maar niet plaatsen. Maar nu zie ik het, Vernon is jouw zoon, jouw evenbeeld...".

"Vernon ?, Nee hoor, zo heet mijn zoon niet ", zei Jim.

"Niet ?" Zei Werner verbaasd, "maar die jongen die zo op jou lijkt wordt door iedereen Vern genoemd.

Dat is toch een afkorting van Vernon bij jullie?".

"Aaah... nou snap ik het", zei Jim op zijn beurt. "Nee, het is niet Vern, maar "Wern" met een W.

Maar je hoort het verschil nauwelijks. "Wern" staat voor Werner. Dát is zijn naam".

Oh, wat toevallig zegt Werner lachend, heet de vader van je vrouw zo misschien? Istie daarnaar vernoemd? "

"Nee", zegt Jim, "hij is niet vernoemd. Althans, niet naar familie...

Ik heb in de oorlog een gast ontmoet die Werner heette. Een Duitse soldaat. Door omstandigheden heb ik een zeer memorabele kerstavond en -nacht met deze Werner en z'n gewonde maat doorgebracht. Midden in de oorlog.

Op het slagveld, zeg maar. Een prachtvent !

Maar...", ging hij luchtig verder, "m'n zoon zijn tweede naam is natuurlijk wel James ! Zo onbescheiden ben ik nou ook wel. Werner James Carpenter, zo heet hij voluit. Wern - of Vern, zo je wilt - voor vrienden".

Langzaam dring tot Werner door wat Jim eigenlijk zei. "Mijn God" zei hij bijna fluisterend, "Naar mij vernoemd.

Je zoon naar mij vernoemd. Je hebt geen idee wat een eer... " Hij zweeg.

Jim zag hoe dit nieuws z'n metgezel aangreep, stak nog maar een sigaret op en zweeg ook.

Na een tijdje zei Jim, "Zeg, dat was 25 jaar geleden... Bastogne, bedoel ik".

"Inderdaad", zei Werner, "nu je het zegt, het is op de kop af 25 jaar geleden dat we elkaar hebben ontmoet, niet ?

Da's wel een wonder zeg. Of nee... wacht eens, nee niet precies. Het was kerstnacht toen in 1944, de 24e..

Vandaag is het de 23e... da's 1 dag ernaast".

Jim zei grinnikend, "Nou da's dan ook een wonder van niks. Wonderen zijn ook niet meer wat ze geweest zijn.".

Ze schoten beiden in de lach.

"Maar toch..."zei hij weer ernstig, "het is net of het zo moest zijn... Toen, en nu... beetje mistiek wel...".


De zaklamp was inmiddels wat flauwer gaan schijnen. Jim vertelde dat hij gezien had dat ze de 500 het bergen waren.

Dat is weliswaar kilometers van hier, en hij had ze horen zeggen dat ze morgen pas verder zouden zoeken omdat het al te donker was, maar het was wel tijd om te vertrekken, zei hij tegen Werner. "Hoe is het met je pootje ? Kan je wel lopen?

M'n motor staat hier goed 2 kilometer vandaan. Kan je dat halen, denk je ?".

Werner probeerde op z'n voet te staan. Hij keek pijnlijk. "Ik denk het wel. Als ik af en toe op je kan steunen. En het zal niet snel gaan.". "Oké, rustig aan dan. Niks forceren. We hebben nog tijd, als we maar terug zijn voordat het licht wordt" zei Jim.

Ze gaan op weg. Werner hinkelend en strompelend, Jim Werner ondersteunend zo goed als hij kan.

Na een uur of 2 bereiken ze de Triumph. Jim start de motor. Hij heeft een éénpersoons zitje en Werner moet achterop op het bagagerekje. Ook passagiers voetsteuntjes ontbreken. Hard gaat het niet, en af en toe moeten ze weer opnieuw opstappen... maar ze komen uiteindelijk wel "thuis" zo. Ruim voordat het licht wordt.


Vern werd wakker van het geluid van de Triumph gevolgd door gestommel bij de deur. Toen hij thuis kwam was z'n pa nergens te bekennen en ook de motor was weg. Hij maakte zich ongerust, en was nog met de auto in de buurt wezen zoeken, maar toen dat zinloos bleek is hij uiteindelijk terug gegaan en in bed gekropen.

De deur zwaaide open en z'n vader kwam binnen, een man van ongeveer dezelfde leeftijd ondersteunend.

Toen hij zag dat de gast nog maar nauwelijks kon staan greep Vern een stoel en schoof deze letterlijk onder hun gast z'n achterste. De man ging met een zucht zitten. "Is dat hem ?" vroeg Vern vol ongeloof "Hoe wist je waar...?" .

"Yep", zei z'n pa glunderend. Maar dat is niet alles, wacht maar tot ik je vertel wie dit is...

Maar check eerst even of alle gordijnen hermetisch gesloten zijn, zodat niemand naar binnen kan gluren".

De verkleumde mannen trokken hun motorkleding uit. Vern joeg het kolenkacheltje op tot riskante hoogte en zette een grote pot koffie. Hoewel de mannen tegen uitputting aan zaten werd eerst onder genot van hete koffie, het hele verhaal nog aan Vern verteld. Deze was er toch behoorlijk van onder de indruk dat hij de man mocht ontmoeten waarnaar hij vernoemd was.

Vooral toen z'n vader tegen Werner sr. zei "Werner, meet Werner" en toen tegen Vern hetzelfde; "Werner, meet Werner".


Woensdag de 24e.

Drukke dag voor Jim, vanavond in de grote zaal een kerstdiner voor het hele US-team, plus flink wat Duitse genodigden; relaties van Jim zelf, en familie van Brigitta.

Jim en Werner waren behoorlijk laat wakker en zijn eerst met de auto naar het dichtstbijzijnde politiebureau gegaan waar Werner zich meldde. De arme agent van dienst had geen idee wat hij ermee aan moest, en belde stad en land af om instructies. Tenslotte zei een inspecteur van een hoofdbureau in de buurt wat hij allemaal van Werner moest registreren.

Als iemand garant wilde staan voor z'n onderkomen, dan kon hij gaan waar hij wilde, maar hij moest zich ná de kerst wel op dat hoofdbureau melden bij meneer de inspecteur. Uiteraard stond Jim garant en de mannen reden weer terug.

Halverwege de zandweg naar het "kamp" stond een Wartburg dwars op de weg. Jim stopte. Breitheim kwam achter de Wartburg vandaan met een pistool in z'n hand. Flack kwam achter hem staan. Z'n gezicht was gezwollen en bont en blauw.

"News travels fast", zei Jim "ik was die clowns helemaal vergeten".

Breitheim gebaarde met z'n pistool, "uitstappen" snauwde hij. De mannen stapten uit.

"Ik denk dat u zich net bedacht heeft, Herr Mayer, u heeft besloten met ons mee terug te gaan". Werner was asgrauw.

Jim ging tussen hem en Breitheim staan en zei kalm, "je gaat hier toch niet een Amerikaans burger afknallen, wel?".

Flack deed nerveus een stap terug. Breitheim aarzelde kort, richtte z'n pistool en zei, "als het moet...".

Jim vroeg zich af of hij dat meende, of dat hij net zo'n grote blufkont was als hij zelf, toen tussen de struiken een tweetakt werd gestart. Nog voordat iemand er erg in had kwam een BSA Bantam 175 op z'n achterwiel uit een wildpaadje 'gesprongen'. Hij raakte Breitheim, die tegen de vlakte sloeg, terwijl z'n pistool met een boog door de lucht vloog.

Jim maakte een snoekduik en, ving hem op nog voordat het ding de grond raakte.

Werner moest onwillekeurig lachen. Dit was de Jim die hij van Bastogne kende... Een katachtige reactie...

Nu de rollen omgedraaid waren kozen de twee Stasi's eieren voor hun geld en dropen af in hun auto.

"Hoe wist je..." vroeg Jim aan Vern. Hij was het die op z'n Bantam Trial voor cavalerie speelde.

"Ze kwamen bij ons kamp 'snuffelen', op zoek naar Werner vermoed ik. Ik ben ze gevolgd, vertrouwde ze voor geen meter".

"Toffe actie, zoon" zei Jim, "klasse!".


De hele middag was Jim bezig terwijl Werner hier en daar wat hielp met praktische dingetjes. Jim nam Vern terzijde, want Werner mocht het niet horen en vroeg hem of hij iets wilde doen. Vern begon te glunderen en zei: "oké. Ik vraag wel een paar Duitse vrienden of ze me willen helpen.". Hij vertrok in de auto.

Het verhaal had inmiddels z'n weg al naar de aanwezigen gevonden en menigeen kwam langs om de vluchteling, een bekende van Jim nota-bene, te feliciteren.


's Avonds was de zaal heel "kerstelijk" gedecoreerd. Er stonden meerdere opgetuigde kerstbomen en overal hing of stond kerstdecoratie. Kerstliedjes klonken uit de loudspeakers. Toen men aanzat voor het kerstdiner was de hele geschiedenis

van Werner en Jim inmiddels bij iedereen bekend. Inclusief het "wonder van Bastogne".

Waar normaal bij een dergelijke gelegenheid alleen maar over motoren en wedstrijden wordt gepraat, werd vandaag vooral over het gebeurde gesproken.

Voordat er werd opgediend tikte Jim tegen z'n glas om stilte. Werner, die tegenover Jim zat, gebaarde naar Jim dat Vern z'n stoel nog leeg was en zei, "Vern is er nog niet. Waar is tie ?".

"Oh", zei Jim, "die doet nog even een klusje voor mij. Hij komt zo". Toen wees hij op een paar lege stoelen rechts van hem en vroeg "wie moet er nog meer komen dan? Deze stoelen zijn ook nog leeg.".

"Vrienden van Vern, die komen zo met hem mee", zei Jim en hij vervolgde veelbetekenend, "je zult wel zien Werner".

Hij tikte opnieuw tegen z'n glas. Een echte speecher was hij niet, maar toen het stil was sprak hij een paar welkomst woorden en blikte hij kort terug op de afgelopen drie dagen.

Natuurlijk was het hoogtepunt voor hem persoonlijk het onverwachte weerzien met Werner. "Maar...", zei hij "deze kerstviering is pas compleet als alle stoelen bezet zijn.

Daarom heb ik de volgende personen voor de stoelen naast Werner uitgenodigd". Hij wees naar de deur, waar een jong echtpaar binnenkwam, met op de arm van papa een meisje van een jaar of drie.

Werner verschoot, tranen kwamen in z'n ogen...

Jim vervolgde "Werners dochter Ilona, zijn kleindochter Anna en z'n schoonzoon Bernd".

Een luid applaus steeg op uit de enthousiaste menigte. Iedereen had sympathie gekregen voor Werner en zijn situatie.

Werner begroette z'n geliefden uitgebreid, vooral z'n kleindochter die hij nog nooit gezien had.

"Anna", zei hij geroerd, "we hebben weer een Anna"...


Vern nam grinnikend plaats naast z'n vader en zei, "Zó simpel pa... een achternaam, een telefoonboek, een paar belletjes links en rechts en je hebt een weerzien om nooit te vergeten...


Merry Christmas, ouwe... !


Einde.